Een jongetje, ogen groot en vol licht,
ziet in alles een wonder, zo puur en gericht.
Hij wil leren, het leven proeven in elke kleur,
kan niet wachten tot school hem dat biedt, keer op keer.
Maar in de lessen, gestructureerd en stil,
vervaagt soms die sprankel van zijn eigen wil.
Met liefde naar school, een plek om te groeien,
waar hij hoopt zijn verwondering altijd te blijven boeien.
Wie wil leren over leren, nodig ik uit om jonge kinderen te observeren. Voor hen is leren hetzelfde als leven. Terwijl alles in de vorm van spel plaatsvindt, leren ze constant, gevoed door hun omgeving en hun behoefte ergens bij te horen. Ze nemen alles wat hen boeit in zich op. Scholen, die zijn opgericht als instellingen om leren te ondersteunen, hebben de taak dit natuurlijke proces verder te richten en te begeleiden. Maar vaak, en onbewust, doen we nog iets anders.
Kinderen leren door ervaringen op te doen en vervolgens (vaak onbewust) te beslissen of ze daar meer over willen leren. Voor hen is leren geen doel op zich, maar een middel om verder te komen in het leven. Toch halen we op school vaak het leven uit het leren, waardoor het vergaren van kennis een doel op zich lijkt te worden.
School als middel, niet als doel
Ik hoor je denken: “Maar ik heb te maken met een curriculum. Ik kan niet zomaar alles omgooien en voor elke leerling een individueel plan maken.” Hoewel dat ideaal zou zijn, kun je al verschil maken door het kleiner aan te pakken. De eerste stap zit hem in hoe je naar onderwijs kijkt en hoe je daarover communiceert met je leerlingen.
School is geen doel op zich; het is een middel. Dit lijkt misschien een logische, simpele gedachte, maar de implicaties zijn groot. Als school een middel is, gaan de gesprekken met leerlingen over de betekenis van wat zij leren en hoe dat bijdraagt aan hun leven. We omarmen dan de vraag “Waarom moeten we dit leren?” in plaats van deze af te kappen. Hierdoor nemen we de leerbehoeften van leerlingen serieus en verschuift de focus van “wat de school belangrijk vindt” naar “wat jij belangrijk vindt en hoe wij je daarin kunnen ondersteunen.” Dit zonder af te doen aan het bestaande curriculum.
Ruimte voor eigen inbreng
Wanneer je iemand wilt motiveren, lukt dat zelden door te focussen op de actie zelf. Het gaat meestal om het gevoel dat het oplevert of de situatie waartoe het leidt. Voor echte motivatie moeten leerlingen ervaren dat ze invloed hebben op wat ze leren en dat het aansluit bij hun eigen waarden en behoeften. Dit kun je ondersteunen door samen met hen helder te krijgen welke situatie jullie willen bereiken en wat ze nodig hebben om daar te komen.
In dit proces speelt de drie-eenheid inhoud, kaders en vorm een essentiële rol (zie ook mijn blog: “Het Belang van Het Op Jouw Manier Doen”). Zelfs door binnen een vast curriculum ruimte te laten voor eigen inbreng, geef je leerlingen het gevoel dat leren iets persoonlijks en waardevols is.
Leren overstijgt de schoolmuren
Op deze manier naar onderwijs kijken, betekent ook dat het leren de school overstijgt. Leven en leren zijn namelijk onlosmakelijk met elkaar verbonden. Elke ervaring brengt nieuwe inzichten, en door daar bewust van te zijn, krijgen leerlingen vleugels. Wanneer we leren beperken tot de school, geven we het signaal af dat formeel leren de enige manier is om tot nieuwe kennis te komen. We maken leerlingen daardoor afhankelijk van onderwijsinstellingen, ook als ze later volwassenen zijn.
Daarnaast verliezen de leerervaringen op school aan waarde als ze niet inzien op welke manier deze relevant zijn in het echte leven. Leren zou een hulpmiddel moeten zijn om leerlingen op hun eigen pad te begeleiden, niet een doel op zich.
Ontspanning en ruimte om te groeien
Wanneer school een middel is en niet het doel, ontstaat er meer ruimte en ontspanning. Twee belangrijke elementen die leren vergemakkelijken. Als school het doel is en prestaties het bewijs zijn van succes, kan dit een enorme druk veroorzaken bij leerlingen. Die druk zorgt ervoor dat de aandacht van het leerproces verdwijnt, waardoor leerlingen minder goed in staat zijn zichzelf te sturen. Een verschuiving naar het proces en naar de vraag “wat wil jij leren en bereiken?” zorgt juist voor intrinsieke motivatie. Uiteindelijk wil iedereen zich ontwikkelen om het leven te leiden dat hij of zij wenst.
De start van een nieuwe manier van denken
Laten we beginnen met ons denken over school en leren om te draaien. Stel niet: “Dit gaan wij leren,” maar vraag: “Wat wil jij leren in het leven en hoe draagt wat wij hier doen daaraan bij?” Acties volgen je denken. Alleen al door het op deze manier te benaderen, zul je merken dat je een verschil maakt in het onderwijs – zonder dat je het curriculum om hoeft te gooien.
Laten we het leren terugbrengen naar de essentie: het leven zelf. Want school mag dan een belangrijke plek zijn, het is slechts een middel om leerlingen te helpen op hun reis.